Een verkeerd geplaatst label of een vage print kan in een magazijn direct voor oponthoud zorgen. Met de Honeywell T4M labelprinter voorkom je zulke problemen, mits je de juiste instellingen gebruikt. Deze printer wordt veel ingezet voor logistieke labels, voorraadbeheer en ticketing. Goede configuratie en onderhoud voorkomen stilstand, foutmeldingen en onleesbare barcodes.
Specificaties en kenmerken
- Afdruksnelheid tot 152 mm/s (6 ips). Met deze snelheid print je grote batches labels zonder vertraging. De printkop blijft koel door de gecontroleerde thermische regeling.
- Resolutie: 203 dpi (T4M-203-0N0A00-000). Geschikt voor barcodes, tekstlabels en eenvoudige afbeeldingen. Fijnere details printen kan met de T4M-300-modellen op 300 dpi.
- Connectiviteit: USB 2.0, parallel, RS232 en Ethernet 10/100. Je kunt de T4M direct op een pc aansluiten of via een netwerk delen. De optionele WiFi-module (P/N: 203-184-100) maakt draadloos printen mogelijk.
- Ondersteuning voor EPL, ZPL en DPL printertalen. Omschakelen van Zebra of Datamax printers is hierdoor eenvoudiger: in het menu Instellingen > Systeem > Emulatie kies je het juiste protocol.
- Compatibel met labelrollen tot 213 mm diameter en 110 mm breedte. Zowel binnen- als buitengewonden rollen worden ondersteund. Linten kunnen tot 450 meter lang zijn bij thermal transfer printing.
- Bediening via verlicht LCD-display met fysieke knoppen. Via Menu > Setup > Print kun je instellingen zoals afdruksnelheid, donkerte en labeldetectie aanpassen. Het scherm toont foutcodes zoals “Ribbon Out” of “Paper Jam” direct met uitleg.
Aansluiten en instellen
- Plaats de printer op een stabiele, vlakke ondergrond. Zorg dat er minimaal 15 cm ruimte rondom is voor ventilatie en toegang tot de labelrol. Vermijd direct zonlicht om thermisch printen niet te verstoren.
- Sluit het netsnoer aan op de achterkant. Gebruik altijd de originele adapter (Honeywell P/N: 1-974024-900) om spanningsproblemen te voorkomen. Een niet-originele voeding kan storingen veroorzaken.
- Open de klep door de groene hendel aan de rechterkant omhoog te trekken. Plaats de labelrol met de labels naar boven op de as, en voer het labelmateriaal tot voorbij de printkop. Let op dat de labels niet scheef liggen; scheve invoer veroorzaakt scheve prints.
- Monteer het inktlint (bij thermal transfer) door het op de voorste as te plaatsen en het uiteinde over de printkop naar de achterste as te spannen. Schakel in het menu Instellingen > Print > Printmethode tussen “Direct Thermal” en “Thermal Transfer” afhankelijk van je labels.
- Verbind de printer via USB met je pc, of sluit een netwerkkabel aan op de RJ-45 poort. Voor netwerkgebruik: ga naar Menu > Netwerk > IP-instellingen en stel handmatig het IP-adres in of kies DHCP. Noteer het IP-adres voor de driver-installatie.
- Installeer de Windows-driver van de Honeywell-website (zoek op “T4M Windows Driver” en kies de juiste versie, bijvoorbeeld 8.02.01.00). Tijdens de installatie selecteer je de juiste poort (USB, COM, of TCP/IP, afhankelijk van je aansluiting).
- Voer een kalibratie uit via Menu > Kalibratie > Automatisch. De printer detecteert labelranden en stelt de sensors automatisch af. Druk na de kalibratie op de FEED-knop om te controleren of de labels correct worden gevoerd zonder overslaan.
- Stel de printdonkerte in via Menu > Setup > Print > Donkerte. Begin bij waarde “10” voor standaardlabels. Te donker kan vlekken geven, te licht maakt barcodes onleesbaar. Pas aan op basis van printresultaat.
Dagelijks gebruik
Dagelijks printen gebruikers met de Honeywell T4M vaak honderden tot duizenden labels, bijvoorbeeld in een distributiecentrum. Een operator opent ’s ochtends het menu via het LCD-scherm, controleert de labelvoorraad en lintstatus, en voert een testprint uit via Menu > Test > Configuratiepagina. Zo worden printerinstellingen en connectiviteit direct gecontroleerd voordat de productie begint.
Wanneer een batchverwerking gestart wordt vanuit WMS-software, communiceert de T4M doorgaans via het netwerk met de centrale server. Het ontvangen printcommando verschijnt direct in het display, bijvoorbeeld als “Ready to Print”. Bij het afdrukken van barcodelabels voor verzending is het belangrijk om vooraf de juiste labelgrootte te selecteren in het printmenu van de software. Onjuist ingestelde afmetingen leiden tot afgesneden barcodes of verschoven tekst.
In situaties waarin verschillende labeltypes per dag worden gewisseld, is het handig dat de T4M een automatisch labelkalibratieproces heeft. Na het wisselen van labelrol activeer je Menu > Kalibratie > Automatisch. Het apparaat detecteert labelgrootte en black mark automatisch, waardoor je niet handmatig hoeft te meten of instellingen te wijzigen. Dat bespaart tijd en voorkomt printfouten door verkeerde sensorwaarden.
Een ander veelvoorkomend scenario is het afdrukken van verzendetiketten met variabele gegevens. Hiervoor wordt vaak gebruikgemaakt van het ZPL-protocol. In het menu Instellingen > Systeem > Emulatie schakel je eenvoudig tussen ZPL, EPL of DPL, afhankelijk van de software. Dat maakt de T4M flexibel inzetbaar op plekken waar printers van verschillende merken door elkaar worden gebruikt. Het display geeft bij ongeldige commando’s direct foutcodes zoals “Invalid Command” en verwijst naar het pagina- en regelnummer van de opdracht.
Problemen oplossen
Print de printer alleen blanco labels? Controleer eerst of het lint correct geplaatst is en of je de juiste printmodus gebruikt. In het menu Instellingen > Print > Printmethode moet “Thermal Transfer” zijn geselecteerd als je met lint print, en “Direct Thermal” als je alleen met thermisch papier werkt. Verkeerde instellingen veroorzaken blanco prints.
Vage of onvolledige prints duiden meestal op een vervuilde of versleten printkop. Reinig de printkop met een isopropanol-wisstaafje (Honeywell P/N: 1-110501-00) via Menu > Onderhoud > Printkop reinigen. Als de prints na reinigen nog steeds vaag zijn, verhoog dan de stand Donkerte met één stap in Menu > Setup > Print > Donkerte.
Komt de foutmelding “Paper Jam” of “Label Gap Not Found” in beeld? Open de printer en controleer of de labels goed liggen en niet aan elkaar geplakt zijn. Start daarna een automatische kalibratie via Menu > Kalibratie > Automatisch. Hardnekkige papierstoringen zijn vaak het gevolg van stof of labelresten op de sensor; maak deze schoon met perslucht of een zachte borstel.
Wanneer je de melding “Ribbon Out” krijgt terwijl het lint nog aanwezig is, kan de lintdetectiesensor vervuild zijn. Maak de sensor voorzichtig schoon met een droge doek. Controleer in Menu > Sensoren > Lintdetectie of de sensorwaarde verandert bij het bewegen van het lint. Geen verandering? Dan is de sensor mogelijk defect en moet deze vervangen worden door een Honeywell servicepartner.
Veelgestelde vragen
Hoe reset ik de Honeywell T4M naar fabrieksinstellingen?
Druk op de Menu-knop, navigeer naar Instellingen > Systeem > Fabrieksinstellingen en bevestig de reset. Alle aangepaste instellingen, inclusief netwerk en printertaal, worden gewist. Na de reset moet je de kalibratie en netwerkinstellingen opnieuw uitvoeren.
Welke labelmaterialen zijn compatibel met de T4M?
De T4M ondersteunt zowel thermisch papier als labelmateriaal voor transferprinten. De maximale breedte is 110 mm en de diameter tot 213 mm. Gebruik alleen labels met een kern van 25 of 76 mm voor een goede passing op de as.
Hoe installeer ik de nieuwste firmware?
Download de laatste firmware van de officiële Honeywell-website (zoek op “T4M firmware update”). Gebruik een USB-stick of verbind via Ethernet. Start de update via Menu > Systeem > Firmware-update en volg de instructies op het scherm.
Welke foutcode betekent dat de printkop vervangen moet worden?
Foutcode “Printhead Fault” (displaycode 23) verschijnt als de printkop weerstand buiten bereik meet. Controleer eerst op vuil, en vervang de printkop als de fout blijft terugkomen. Printkoppen zijn los verkrijgbaar als onderdeelnummer 1-010043-900.
Hoe stel ik het juiste IP-adres in?
Ga naar Menu > Netwerk > IP-instellingen en kies tussen DHCP of handmatig invoeren. Noteer het ingestelde adres voor gebruik in de driver of labelsoftware. Bij netwerkproblemen kun je altijd een testpagina afdrukken met de huidige netwerkinstellingen via Menu > Test > Netwerkpagina.
Wist je dat je via Menu > Setup > Print > Printstartvertraging een wachttijd kunt instellen tussen printopdrachten? Handig bij het printen op gevoelige of langzaam drogende labelmaterialen.
Dit artikel is geschreven door de redactie van HandleidingStart.nl en voor het laatst bijgewerkt op 18 maart 2026. Raadpleeg altijd de officiële handleiding van de fabrikant voor de meest actuele informatie. Heb je een fout gevonden? Laat het ons weten.